Een bron van biodiversiteit

 

Wist je dat…

  • …er tussen begin september en half september nauwelijks amfibieën in het water zijn
  • …planten en dieren vanuit zichzelf verschijnen en ze dus niet uitgezet worden

IKL legt meer dan 600 poelen aan in Duitsland

Er worden in de komende jaren maar liefst 600 voortplantingswateren voor amfibieën gerealiseerd in het Duitse grensgebied. Biostation Aachen heeft de expertise en ervaring van IKL hiervoor ingeschakeld.

Vragen of tips over poelen?

Poelen zijn van levensbelang voor padden, kikkers en salamanders

Omdat niet overal op de zandgronden of in het heuvelrijke zuiden water voorhanden was werden natuurlijke of kunstmatige laagten gebruikt om over water voor het vee te kunnen beschikken. Dit zijn de zogenaamde drinkpoelen. 

Maar ook voor ander doeleinden was water nodig, bijvoorbeeld voor het blussen van brand werden blusvijvers of brandkuilen (brandkoel) aangelegd. Daar waar bronwater uit de bodem kwam was de bronpoel een belangrijke plek om drinkwater te winnen voor in het huishouden. 

De waterbiotopen vormden belangrijke leefgebieden voor diverse amfibieën, waar het water ook voor gebruikt werd. De flauwe hellingen van de poelen, gelegen in de zon zijn de kraamkamers voor kikkers, padden en salamanders.  

Leefgebied voor amfibieën

Tegenwoordig zijn veedrinkpoelen en bluspoelen niet meer strikt nodig, onderhoud aan de poelen is dan nodig om ze niet te laten dichtgroeien met planten, struiken en bomen. Onder andere door het verdwijnen van de functie van de poelen verdwenen de poelen en daarmee belangrijk leefgebied voor diverse amfibieën. IKL heeft in de loop der jaren veel poelen onderhouden maar ook nieuw aangelegd. Dit laatste gebeurt vooral voor zeer zeldzame soorten als geelbuikvuurpad, vroedmeesterpad en boomkikker. 

Bij de aanleg van een poel wordt rekening gehouden met de flauwte van het talud en de ligging in de zon zodat het water snel kan opwarmen waardoor de kikkerdril zich kan ontwikkelen tot larven. Daar waar grondwater voor handen is kan de poel tot op het grondwater gegraven worden. Dit heeft als voordeel dat een poel ook wel eens droog kan vallen en hierdoor vissen, die vaak de amfibielarven eten, minder kans krijgen zich te vestigen. Ook betonpoelen worden aangelegd. Deze kostbare methode zetten we alleen in voor zeer zeldzame soorten op plekken waar het grondwater te diep zit of voor de geelbuikvuurpad die karresporen nodig heeft die in een betonbak gecreëerd worden. 

Geelbuikvuurpad en vroedmeesterpad hebben in de nabijheid van het voortplantingswater schuilgelegenheid nodig. Hiervoor worden stapelmuren van natuursteen aangelegd waar de padden zich in kunnen terugtrekken.