Het afwateringskanaal in de gemeenten Leudal en Peel en Maas was ooit een belangrijke aan- en afvoerweg van turf, steenkool, meststoffen en hout. Rond 1930 werd het kanaal Wessem-Nederweert echter steeds belangrijker en werd het afwateringskanaal voor scheepvaart gesloten. Ondanks de functie om overtollig veenwater van de Peel af te voeren naar de Maas, raakte het kanaal in vergetelheid. Totdat een aantal partners, waaronder IKL en Waterschap Limburg, de handen ineensloegen om het gebied op te waarderen. Met behoud van landschappelijke en ecologische waarden en aandacht voor cultuurhistorische en recreatieve elementen.

Gezamenlijke impuls
Op basis van een schouw die in het gebied heeft plaatsgevonden, werkt projectleider IKL samen met alle belanghebbenden, waaronder ook beide gemeenten, LLTB én bewoners, aan een plan voor het gebied. Hierin wordt vastgelegd wat er moet gebeuren en wie daaraan een bijdrage levert. Herman Vrehen licht toe: “Wil je een natuurgebied van deze omvang een impuls geven, is samenwerking cruciaal. Die reikt verder dan alleen de eigen taken en verantwoordelijkheden, het gaat erom hoe je elkaar kunt versterken. En minstens zo belangrijk is hoe we de omgeving hierbij kunnen betrekken. We maken niet langer plannen voor inwoners, maar met de inwoners. Die aanpak dwingt ook tot samenwerken. Een wens van de omgeving is bijvoorbeeld om het zicht op het kanaal te verbeteren. Daarvoor wordt de begroeiing op de oevers flink uitgedund. Door hiervoor onze vrijwillige hakhoutbrigades in te zetten, snijdt het mes aan twee kanten. We werken samen aan het herstel en beheer van het gebied en de vrijwilligers, óók buurtbewoners dus, kunnen in ruil voor hun hulp hun eigen houtvoorraad aanvullen.”

Integrale aanpak
Josette Van Wersch, lid van het Dagelijks Bestuur van Waterschap Limburg: “Waterschap Limburg zorgt in onze provincie voor veilige dijken, droge voeten en voor schoon en voldoende water. Dat doen we vóór, maar ook mét de omgeving; de werkwijze die IKL ook voortdurend nastreeft. Als waterschap kijken we bovendien steeds meer naar een beekdalbrede aanpak. We pakken bijvoorbeeld niet alleen wateroverlast of zoals nu droogte aan, maar nemen de omliggende natuur mee in die aanpak en pakken daarmee meerdere aandachtspunten tegelijkertijd aan. In Sittard wordt op deze manier het Geleenbeekdal opnieuw ingericht. Kort gezegd, om wateroverlast in de stad te voorkomen, geven we de beek weer ruimte om te meanderen. Hierdoor ontstaat een prachtig natuur- en recreatiegebied in de stad en versterken we op meerdere manieren de kwaliteit van de leefomgeving. Ook hier is samenwerking weer belangrijk. Ik zie het als mijn taak om partijen te verbinden.”

Natuur en klimaat
Herman: “Beken en kanalen spelen niet alleen een grote rol in landschapsvorming en beheer. Maar ook in het realiseren van onze klimaatdoelen. In het terugdringen van wateroverlast of het voorkomen van droogte is die beekdalbrede aanpak – waarbij je de natuur een handje helpt en meteen ook de landbouw en de bewoonde omgeving betrekt – onmisbaar.” Josette: “In onze aanpak ‘Water in Balans’ betrekken we steevast meerdere partijen. In het landelijk gebied zijn organisaties zoals LLTB en IKL, die ervoor kunnen zorgen dat de bodem voldoende water vasthoudt. En IKL houdt bijvoorbeeld nauwlettend in de gaten of op kritische plekken voldoende natuurlijke buffers zoals modderpoelen en graften zijn. In stedelijk gebied kunnen gemeenten bijdragen door regenwater af te koppelen van het riool. Als Waterschap zijn we verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de watersystemen. Als bewoner kun je zelf ook helpen om wateroverlast te voorkomen. Bijvoorbeeld door stenen in de tuin te vervangen door groen. Functioneel en nog mooi ook. Al die afzonderlijke maatregelen versterken elkaar enorm. Nog een reden dus om veel meer samen te werken!”