Uilskuikens…
Mijn boomgaardje is net geen pril boomgaardje meer. De hoogstambomen dragen inmiddels soms meer fruit dan we op kunnen. Een paar jaar geleden hing ik een steenuilkast in de grootste boom. Eigenlijk tegen beter weten in misschien. Want bij mijn buurman die honderd meter verderop woont, broedt de steenuil jaarlijks en dat is behoorlijk dichtbij. Het leek me echter geweldig om ook zo´n kleine opdonder rond mijn huis te hebben spoken, dus toch maar geprobeerd.
Dit jaar broedde de steenuil voor het eerst in de nestkast. De kast die tot nu toe alleen nog maar door spreeuwen was gebruikt, vertoonde ineens twee duidelijke vettige plekken rond het gat. Kennelijk was dit de landingsplaats van de steenuilen. Ik had al vaker een steenuiltje gezien in mijn fruitwei en hem ook al opvallend dichtbij gehoord.
Vanwege enkele tijdelijke bezoekers in de boomgaard, had ik de helft van de gaard met raster afgezet. Het was voor de gasten ten strengste verboden om daarachter te komen. Een broedende vogel heeft immers rust nodig. Mijn zorg dat zelfs het rumoer van de gasten al teveel was, bleek onterecht. Enkele dagen later zaten er jonge steenuilen in mijn tuin! Tijdens een inspectie waarbij ik meteen het nestmateriaal ververste, bleken het er drie te zijn.
Spelletje spelen
Een week later stonden de vijf schapen die de wei korthouden een beetje vreemd bij elkaar. Hun nieuwsgierigheid was gewekt door een jonge steenuil die kennelijk uit het nest was gevallen. De dag daarna lag er weer een in het gras. De dagen daarna leken de uilskuikens er een spelletje van gemaakt te hebben. Uit het nest kukelen en dan vervolgens wachten tot ze weer teruggezet werden. Ze kropen hierbij ook op de gekste plekken weg en als ik ze oppakte probeerden ze me bang te maken door een klikkend geluid te produceren. De dagelijks naar beneden kukelende uilskuikens begonnen zo onderhand routine te worden. Mijn kinderen kwamen rond etenstijd nog even melden dat “er weer eentje in de wei ligt”. Dat terwijl ik er toch net een had teruggezet. Ik had nooit gedacht dat mijn uilenontmoeting zo vermoeiend zou zijn.
De uilkuikens zijn inmiddels uitgevlogen. Ze zullen wel een territorium voor zichzelf hebben gezocht. Dat is mooi en het scheelt een hoop werk. Maar toch mis ik ze soms. Stiekum hoop ik dat er volgend jaar weer jongen zitten die net zo’n uilskuikens zijn…
Steenuil in opmars
Dit is een ervaring van slechts één eigenaar van een steenuilennestkast. Er zijn natuurlijk veel meer verhalen van steenuilontmoetingen. Deze kleine uil komt in toenemende mate van noord naar zuid weer voor rond de boomgaarden. Dat is een goed teken. Dit blijkt uit het eerste jaarverslag van de Steenuilen Werkgroep Limburg. Sinds een jaar onderhouden zij samen met lokale werkgroepen de kasten. Op basis van de binnengekomen gegevens blijkt dat 2004 een goed jaar was voor de steenuil Limburg. Maar liefst 82 jonge uiltjes vlogen uit in het zuiden. In Noord-Limburg waren dat er 185. Ze komen zowel uit natuurlijke nesten als uit de steenuilenkasten.
De maatregelen om de teruggang van deze uitl een halt toe te roepen, lijken langzamerhand effect te sorteren. Een van die maatregelen is het ophangen van nestkasten in kansrijke leefgebieden voor de steenuil. Dit gebeurt sinds 1999 in provinciaal verband. Inmiddels hebben vrijwilligers de 1000ste nestkast opgehangen. Bij de controle van deze kasten blijkt echter dat een groot deel niet bewoond is of dat er andere vogelsoorten in gehuisvest zijn, met name de pimpel- en koolmees en de spreeuw. De reden dat nestkasten leeg staan, kan mede als oorzaak hebben dat ze niet op de goede locatie hangen. De Steenuilen Werkgroep neemt daarom in samenwerking met de lokale werkgroepen, de komende tijd de hangplaatsen van de kasten nog eens onder de loep.
Uit IKL Hoogstamnieuws, voorjaar 2005
